Inhoud

Kaart, coördinaten

Via het menu: Instellingen → Kaart, coördinaten

Het Kaart, coördinaten instellingen dialoogvenster heeft zes tabs:

Kaart, Coördinaten

Kaart instellingen

Hier kun je opgeven op welk coördinatensysteem je de kaart wilt instellen. De vier beschikbare systemen zijn:

Coördinaattypen

Precessie, nutatie en aberatie berekening Jouw keuze hier bepaalt welke referentie de kaart zal gebruiken voor het weer te geven coördinaatsysteem. Je kunt de coördinaten van een geselecteerd object vinden in de statusbalk , aan de onderzijde van de kaart.

Als je geen vinkje zet in het selectievakje Expert mode, dan kun je via de radioknoppen het coördinaattype kiezen:



In Expert modus kun je meer details instellen:








Snelle manieren om eenvoudige aanpassingen te maken aan het kaart coördinatensysteem zijn via het menu Kaart → Kaart coördinaten syteem → [jouw keuze , of direct op de kaart via de coordinatensysteem groep icoontjes.

Beeldveld

Hier kun je elf genummerde beeldveld-bereiken instellen. De beeldvelden zijn genummerd van 0 tot en met 10.

Voor ieder bereik kun je het minimale beeldveld op geven in graden opgeven. Deze opgegeven hoek zal het programma automatisch overnemen als het maximum beeldveld van het lager genummerde beeldveld.

Het eerste minimum beeldveld is 0.0° en het laatste beeldveldmaxiumum is 360° (Gek genoeg weergegeven als 0.0°), deze waardes kun je niet wijzigen.

De beeldveldbereiken vindt je onder alle catalogi dialoogvenster-tabs. Het programma gebruikt ze ook Projectie , Objectfilter en Roosterverdeling tabs.

Het beeldveld zelf kun je veranderen via het menu Kaart → Beeldveld of direct op de kaart met de icoontjes in de de beeldveld groep . Je kunt het beeldveld heel nauwkeurig opgeven via Weergave → positie van het Positie en beeldveld dialoogvenster, of via het icoontje op de hoofdbalk .


Projectie

Voor ieder beeldveld bereik kun je kiezen uit vier projectie-types:

  door E. Griessen, AIPS memo 27

Objectfilter

Via deze tab kun je de grensmagnitude instellen van de weer te geven sterren en deep sky objecten, gebaseerd op het beeldveld van je kaart.

Het Sterrenfilter zijn:

Een merkwaardige oefening: Er is geen enkel technisch probleem om het sterrenfilter uit te schakelen in combinatie met het gebruik van een grote actieve sterren catalogus (bijvoorbeeld HST GSC), daarbij een hoge ingestelde waarde van veld nummer max (bijv. 6) en een beeldveld van 20 graden. Zo kun je zien waarom een uitgeschald sterrenfilter bij een groot beeldveld niet erg comfortabel is.


Deep sky filter kan zijn:

Je kunt ook deep sky objecten filteren op basis van de maximum afmetingen in minuten.

Roosterverdeling

Met deze tab kun je de roosterverdeling instellen voor ieder beeldveldbereik.

Je kunt de weergave van het coördinatenrooster uit of aan zetten voor ieder beeldveldbereik.

Je kunt de weergave van het kompas uit of aan zetten, ook kun je de afmetingen ervan wijzigen.


Je kunt de weergave van roosters eenvoudig uit of aan zetten via het menu Kaart → Lijnen/rooster → [Toon coördinaten rooster/Voeg equatoriaal rooster toe







Objectenlijst

Met deze tab kun je bepalen welke soorten objecten van de kaart je wilt filteren naar je Objectenlijst . Klik op het icoontje van de hoofdbalk om de gefilterde lijst van de op de kaart weergegeven objecten te verkrijgen.